
Dagelijkse zaken als koken, eten en klussen zijn heel leerzaam, is de filosofie van jongereninstelling Het Dagelijks Bestaan in Zutphen. Daar profiteren ook wijkbewoners met een laag inkomen van. “Koken met jongeren met een rugzakje betekent dat er regelmatig onverwachte dingen gebeuren.”
Aan een Zutphense stadsrafelrand met moestuintjes, houten prefab-woningen, een weelderige binnentuin en wat schuren staat de hoofdwoning van stichting Het Dagelijks Bestaan. In de huiskamer blijft de poes onverstoorbaar op de bank liggen, terwijl het een komen en gaan is van jongeren, buren, vrijwilligers en begeleiders. Het Dagelijks Bestaan is een community based jeugdinstelling met 26 woningen, de helft bewoond door jongeren met een zorgvraag, de andere helft door ‘de buren’. Een gemengd woonproject dus, waarbij de buren soms een begeleidende rol hebben, bijvoorbeeld door weekend diensten te draaien. Andere jongeren komen er voor dagbesteding. Alledaagse zaken zoals koken, eten, werken, leren, koffie en thee drinken vormen de rode draad in de begeleiding.
“Wie van jullie heeft zoutloos op de route?”
Zoals op elke dinsdagochtend koken de jongeren vandaag soep, niet alleen voor de eigen lunch, maar ook voor zo’n zestig bewoners in de aanpalende wijk. “Daar zijn we drieënhalf jaar geleden, tijdens de energiecrisis, spontaan mee begonnen”, vertelt coördinator Ingrid Enderink. “In die wijk wonen relatief veel financieel kwetsbare mensen. We hoorden dat sommigen moesten kiezen tussen de verwarming of een maaltijd.” Via de website en flyers in wijkcentra en bij de voedselbank kunnen mensen zich aanmelden voor de gratis wekelijkse soep met brood.
Wereldkoken
In de keuken snijdt een groepje jongeren en vrijwilligers appels in stukjes voor de romige kerriesoep die staat te pruttelen op het fornuis. Kok Marlies Mulder, die op andere dagen een biologisch catering bedrijf runt, begeleidt op dinsdagen het maken van de soep. “We koken uitsluitend met biologische ingrediënten van groothandel Udea, aangevuld met wat de moestuin te bieden heeft.”
Buurtbewoner Gabor woont met zijn partner in een tiny house in het woonproject en is vanaf het begin betrokken bij het soep koken. “Het is leuk om jongeren te begeleiden naar zelfstandigheid.” Ook op donderdagen is Gabor in de keuken te vinden, om te assisteren bij het Wereldkoken. Een kookploeg van jongeren, buren en vrijwilligers staat dan onder leiding van telkens een andere gastkok, uit landen als Syrië, Iran, Oeganda, Roemenië of Turkije. Tijdens de maaltijd vertellen de koks iets over hun land van herkomst, ook als dat over oorlog gaat. De maaltijden worden massaal bezocht, met name door bewoners van het Zutphense AZC, vertelt Ingrid. “Het is altijd heel gezellig. Organisatorisch is het vaak wel een uitdaging. Omdat sommige specifieke ingrediënten niet altijd biologisch voorhanden zijn. En koken met jongeren met een rugzakje betekent dat er regelmatig onverwachte dingen gebeuren en niet alles volgens planning verloopt.” Onlangs werden bijvoorbeeld de vega-ballen niet helemaal zoals bedoeld en deed het toetje aan rubberen varkensoren denken. “Maar dat hoort er allemaal bij”, zegt ze lachend.
Zelfgebakken brood
Ondertussen laat een van de jongeren zwijgzaam een mega staafmixer door de soeppan gaan. Samen met de kok concludeert hij dat de soep goed smaakt. Vervolgens wordt die in de klaarstaande thermobekers geschonken. Een andere ploeg snijdt het brood. Dat komt bij hoge uitzondering uit de winkel, want de broodbakker is op vakantie en haar vervanger is ziek. “Normaal gesproken staat de bakker hier elke dinsdag ’s ochtends vroeg met een paar jongeren focaccia’s te bakken: die zijn heerlijk, daar moet je echt een keer voor terugkomen.”

In de huiskamer zitten inmiddels vijf vrijwillige bezorgers aan de koffie. Zodra de zestig thermobekers met soep in kratten klaar staan, komen vrijwilligers naar buiten om de bekers in fietstassen te stoppen en in speciale rekjes met gaten, voorop de fiets. Die rekjes zijn door jongeren gemaakt in de houtwerkplaats van Het Dagelijks Bestaan. “Wie van jullie heeft zoutloos op de route?”, vraagt kok Marlies (voor mensen die geen zout mogen, wordt apart gekookt). De bezorgers bestuderen hun adressenlijsten en gaan dan op hun fietsen de wijk in. Het is de bedoeling dat ze bij het uitreiken van de soep een praatje maken. Daar is het nieuwe project Dagelijks Dichtbij uit voortgekomen: de soepontvangers worden geholpen met klusjes, zoals onderhoud van de tuin of opruimen. “Daar moet je soms geduld voor hebben. Bij iemand die hoardde, mochten we na 3 jaar helpen met opruimen”, vertelt Ingrid.
Ondertussen is in de huiskamer een begeleider met een van de jongeren de tafels aan het dekken. Straks, als de bezorgers terug zijn, schuiven zo’n dertig eters hier aan voor de soep en het brood. Jongeren, buren, vrijwilligers, de kok, begeleiders, stagiaires. “Sommigen kwetsbaar, anderen stevig”, zegt Ingrid. “Een heel mooie mix van mensen, magisch hoe goed dat werkt.”
Romige Kerriesoep

25 el olijfolie / 20 teentjes knoflook / 2,5 kg ui / 2,5 kg prei / 6 kg bloemkool / 15 pastinaken / 6 kg aardappelen / 1 stengel bleekselderij / 10 Granny Smith-appels / 10 laurierbladeren / 5 el mosterdpoeder / 10 el kerriepoeder / 5 el mosterd / 20 l water / 5 el bouillonpoeder / 1 l slagroom / 260 ml appelazijn / peper en zout
- Snijd de groenten in stukjes.
- Fruit ui en knoflook in de olie.
- Voeg mosterd- en kerriepoeder toe, laat kort meebakken.
- Voeg prei en pastinaak toe, laat 5 min stoven.
- Voeg aardappel, bloemkool, selderij, laurierblad, water en bouillonpoeder toe. Kook ongeveer 10 min.
- Voeg appel en slagroom toe en laat nog 5 min zachtjes koken.
- Verwijder de laurierbladeren.
- Pureer de soep met een staafmixer.
- Breng op smaak met peper, zout, citroen en appelazijn. Serveer met een sliertje peterselie-olie.
Dit recept is voor 45 liter (ca. 100 personen). Heb je minder eters, deel het recept dan gerust door 10.
Kijk voor de olie op downtoearthmagazine.nl/peterselieolie



Recente reacties